VakantieTop50.nl - De beste vakantiesites van dit moment

'World Canoe Expedition' De voorbereidingen

Wereldreizigers vertrokken

Na terugkeer van zijn eerste reis besloot Tristan R. Raggers het wat avontuurlijker aan te pakken. Hoe kwam hij op het idee om de wereld per kano te verkennen en hoe kreeg hij het voor elkaar om in twee maanden een gesponsorde expeditie op te zetten: De 'World Canoe Expedition'. Een geweldig plan, dat op de eerste plaats, want wie gaat er tegenwoordig voor ruim een jaar met een kano op pad?
De vertrekdatum staat al vast, een race tegen de klok voor sponsors en ... het team.

Inspiratie door Mekong Delta tour
Om 06:30 word ik door de hotelbediende gewekt. Ik heb voor vandaag met Vô Hûng Dûng, een Vietnamese visser, afgesproken waar ik gisteren mee in contact ben gekomen. Hij heeft me beloofd om de drijvende dorpen op de Tiên Giang rivier in de Mekong Delta vanuit zijn bootje te laten zien. Ik kleed me aan, spoel een nieuw diarolletje in mijn fototoestel en loop naar buiten. Ik ga bij een klein eetstalletje tegenover het hotel zitten, zodat ik Dûng aan kan zien komen terwijl ik mijn noedelsoepje naar binnen slurp. Terwijl de laatste noedels nog aan mijn kin bungelen word ik door Dûng op mijn schouder geklopt. Hij komt nogal gehaast over. Ik vraag of ik hem wat te eten of drinken aan kan bieden, maar hij maakt een afwijzend gebaar. Hij zegt dat ik snel mee moet komen want zijn boot ligt al klaar. Ik overhandig de stalhouder mijn verschuldigde 23 cent en volg Dûng door de smalle straatjes naar een afgelegen steiger. Er liggen hier wel veertig bootjes op een kluitje, vol met mensen en handelswaar. Via een loopplank van bootjes komen we uiteindelijk bij die van D_ng terecht. Je zou deze een beetje met een kano kunnen vergelijken, maar zijn dan van hout gemaakt en liggen lager op het water. Dûng heeft zijn vrouw meegenomen die als roeister fungeert, zodat hij mij het één en ander, in zijn gebrekkige Engels, uit kan leggen. Het is ongelooflijk hoe druk het op het water is. Tussen een wirwar van honderden bootjes loodst ze ons met het grootste gemak overal doorheen. Na een kwartiertje varen komen we uit bij het drukste gedeelte van de rivier. In het midden ligt een hele groep met boten aan elkaar vastgeketend. Tientallen bootjes met handelslieden drommen zich, als wespen, om het drijvende dorp heen. Rijst, vis, groenten en fruit worden in overvloed te koop aangeboden. Als we vlakbij zijn heb ik een perfecte uitgangspositie om foto's van het gehele schouwspel te maken. Net op het moment dat ik af wil drukken word ik door Dûng geattendeerd op een vrachtschip met kokosnoten die langs komt. Deze veroorzaakt een golfslag die juist zo kritiek voor deze kleine bootjes is. Met een zeer handige peddelbeweging weet Dûng zijn vrouw de golven aardig uit het bootje te houden en kunnen we onze tocht richting de drijvende markt vervolgen. Hoe dichter we bij de markt komen des te drukker het op het water wordt. Eenmaal bij de markt is het zo druk dat we gewoon vast komen te zitten. De veertig meter brede rivier is als een tapijt bedekt met bootjes. Naast ons biedt een jong meisje mij haar ananassen te koop aan en aan de andere kant word ik door een oude vrouw aan mijn shirt getrokken of ik haar gekookte eieren wil kopen. Als ik drie bootjes verder kijk word ik zelfs door een man gewuifd die met een cobra staat te zwaaien die hij aan mij wil verkopen. Gefascineerd kijk ik naar de wirwar van de handel. Wat een pracht en wat een geluk dat ik deze man tegen ben gekomen. Ik zie nu een stukje Vietnam dat ik zonder Dûng en zijn boot nooit zou hebben gezien. Ik voel me hier thuis op het water want het doet me weer terugdenken aan de tijd dat mijn ouders nog een boot hadden en aan de vele kanotochten die ik in Europa heb gemaakt. Ik fantaseer hoe het zou zijn om hier met mijn eigen kano te varen. Terwijl het bootje langzaam met de meute mee wordt gevoerd blijft het idee in mijn hoofd ronddwalen. Op de terugweg nodigt Dûng me uit om bij hun te eten. We slaan een zijtak van de rivier in en varen langs het huis waar Dûng met zijn gezin woont. Het huis staat helemaal vrij op het water. Onder zijn huis blijkt dat hij een houten kooi heeft gemaakt waar hij aal in kweekt. In vijf maanden tijd groeien deze beesten uit tot kolossale vissen waar, voor Vietnamese begrippen, een fortuin mee wordt verdiend.
Tijdens het eten is het zijn vrouw niet toegestaan mee te eten. Nadat zij ons een stuk zelf- gekweekte aal, wat zeewierachtige groente, rijst en een zeer sterk -door Dûng zelfgestookt- drankje heeft voorgeschoteld, gaat ze in een hoekje een visnet zitten repareren.
Als dank voor hun gastvrijheid bied ik geld aan maar daar willen ze niets van weten. Omdat ik ze toch graag mijn dank wil betonen, geef ik Dûng mijn T-shirt. Hier staat een Nederlandse tekst op, waarvan hij al eerder heeft laten blijken dat hij die wel mooi vindt. Eenmaal terug in mijn hotel bedenk ik dat ik dit soort tochten zeker vaker wil gaan doen, maar dan wel met mijn eigen kano.

Terug van weggeweest
Onder een licht gestommel, dendert de trein door het Duitse landschap. Ik staar naar buiten en zie hoe het licht glooiende landschap steeds meer tot die typische Hollandse vlakte veranderd. De egaal bruine koeien maken plaats voor de zwart/wit gevlekte melkproducenten en tussen het verkeer dringen zich steeds meer Nederlandse kentekenplaten. Nog een paar kilometer en we passeren de grens. Ik denk aan het moment dat ik mijn familie en vrienden weer zal zien. Hoe zal dat zijn nadat ik vijf maanden van huis ben geweest? Vijf maanden lang ben ik alleen maar met mensen opgetrokken die ik nog nooit eerder had ontmoet. Mensen vanuit alle delen van de wereld: Medereizigers, inboorlingen, emigranten en de plaatselijke bevolking. Al deze maanden ben ik niet langer dan tien dagen op een vaste plek gebleven. Steeds was ik onderweg naar nieuwe plaatsen, op zoek naar nieuwe belevenissen. Het enige contact dat ik met thuis had ging per brief, telefoon of fax die ik eens in de twee weken verstuurde. Echt persoonlijk was deze communicatie meestal niet. Telefoongesprekken vanuit Vietnam, China en Mongolië worden vaak door de almachtige receptionist of telefonist zo opgeschroefd dat deze communicatievorm voor een lowbudget reiziger een godsvermogen kost. Vaak kon ik noodgedwongen dan ook niet meer zeggen dan: "Alles goed ... ik zit nu in Q..I..A..O..T..O..U.... groot communicatieprobleem met de bevolking in China ... slaap nu in een hotel voor 90 cent .... tot over twee weken". Hierdoor verstuurde ik meestal een faxbericht. Binnen een kort tijdsbestek kan je zo meer en duidelijker informatie overbrengen.
Mijn gedachten worden onderbroken als ik de eerste Nederlanders in de trein hoor stappen. Ik verbaas me nu eigenlijk pas hoe weinig Nederlanders ik onderweg tegen ben gekomen, vooral omdat de Hollanders als zo'n reislustig volkje worden beschouwd. In de afgelopen vijf maanden heb ik buiten een paar zinnetjes Maleis, Thais, Chinees en Russisch die ik ter plaatsen heb geleerd eigenlijk alleen maar Engels en af en toe wat Frans in Vietnam gesproken. En zelfs nu nog, nu ik in de trein naar Nederland zit, spreek ik Duits met twee Berlijnse meisjes die tegenover mij zitten.
Ik verlang er steeds meer naar om straks mijn eigen taaltje weer te kunnen spreken, of ik het nog niet verleerd zal zijn. Ik had al een voorproefje van vijf minuten toen ik in Berlijn naar huis had gebeld om door te geven hoe laat de trein het perron van Amsterdam Centraal binnen zal komen. Als het goed is staat mijn familie me straks voor het station op te wachten.

De trein is de grens inmiddels allang gepasseerd. Hoe dichter ik bij huis kom des te zenuwachtiger ik word. Ondanks de comfortabele treinbanken kan ik mijn draai niet vinden. Ik voel mijn hart in mijn keel bonken en mijn handen zijn bezweet. Als een klein kind wijs ik naar alles wat me bekend voorkomt; de koeien, de tulpenvelden en de windmolens. De trein rijdt het station binnen en stopt op het perron. Ik pak mijn rugzak en zwiep hem, met een inmiddels vertrouwde zwaai, op mijn rug ... "Tja ... de reis zit er op", denk ik. Ik wijs de twee Duitse meisjes de weg naar het VVV-kantoor en ga op zoek naar mijn familie. Als ik het station uit loop word ik verblind door een aantal flitsen van een fototoestel. Tussen de mensenmenigte door zie ik mijn familie staan. Het ontvangst is zeer uitbundig. Verschillende malen word ik geattendeerd op mijn gebruinde huid, mijn uitgebleekte haar en mijn nieuwe kleding die onderweg stukje bij beetje zijn gekocht. De vragen vliegen om mijn oren: "Hoe is het om weer in Nederland te zijn, hoe is het om je eigen taal weer te spreken, wat heeft deze reis de meeste indruk op je gemaakt, wat vond je het mooist? Terwijl ik honderduit vertel valt het op dat ik heel soms naar Hollandse woorden moet zoeken of uit gewoonte een Engels woord zeg.
Mijn reis loopt definitief ten einde als ik de volgende ochtend wakker word. Het ontgaat mij heel even dat ik weer in mijn eigen bed lig. Als ik beneden kom, bemerk ik dat er niemand in het huis is. Het is weer vreemd om thuis te zijn, je vergeet dat ook hier alles gewoon doorloopt en iedereen 's morgens gewoon weer naar zijn werk moet.

Het plannen van de expeditie
Nadat alle verhalen zijn verteld en de dia's zijn bekeken begin je na te denken wat er nu moet gebeuren. Op dat moment zie ik mijn beste vriend, Steven, weer. Hij heeft momenteel vakantie maar nog geen vaste reisplannen. We besluiten een week in de Belgische Ardennen te gaan kanovaren om zo ook wat bij te kletsen. Hij vraagt ook naar mijn verdere plannen en ik vertel dat ik graag een jaar naar Australië wil. Dit continent heeft al sinds lange tijd, om onverklaarbare redenen, een grote aantrekkingskracht op mij. Steven zegt dat hij daar ook wel heen zou willen, "Waarom gaan we dan niet met zijn tweeën?" vraagt hij. Het klinkt als een uitstekend idee maar ik zou wel eens op een andere manier willen reizen, iets origineels, per kano bijvoorbeeld ... een manier van reizen waardoor je een land op een heel andere wijze leert kennen. Het lijkt ons leuk om met een kano naar verschillende landen te gaan.

Al snel komen we op het onderwerp wat voor kano dit dan zou moeten zijn want een vijf meter lange kano is een beetje moeilijk om in het vliegtuig of de bus mee te nemen: "Ik weet van mijn oom dat hij een opvouwbare kano heeft, ik zal het eens aan hem vragen".
Tijdens een dia-avond van mijn afgelopen reis vertelt mijn oom over de Ally, een Canadese vouwkano naar Noors ontwerp, een kano die ook hij zelf op het oog heeft. Deze kano weegt slechts zeventien kilo en is samen met een draagstel als rugzak te vervoeren. Hij geeft mij het adres van Tiekano in de Bergschenhoek; de importeur van deze kano. Het weekend daarop gaan Steven en ik langs bij het kanobedrijf. Zonder enig idee te hebben hoe deze kano er uit ziet staan wij verstelt over de constructie en compactheid van de kano en hoe degelijk en stevig het materiaal is. We worden goed voorgelicht en krijgen een video te zien over hoe je de kano in elkaar moet zetten en hoe allround hij te gebruiken is, ook op wild water. De Ally bestaat uit een Aluminium buizensysteem dat als een soort van tent in elkaar wordt gezet. Het buitendoek is van een soepel soort pvc gemaakt dat zo stevig is dat het niet verder uitscheurt als er eenmaal een gat in zit. Bij de Down River (DR) uitvoering is de bodem dikker dan bij de normale uitvoering. Aan de binnenkant wordt op de bodem een dikke schuimrubber mat gelegd dat tussen het buitendoek en het buizenframe klemgedrukt wordt. Deze zorgt ervoor dat je niet door de bodem heen kunt trappen, de bodem zacht aanvoelt wanneer je op je knieën zit en belangrijker nog, dat het de boot een groter drijfvermogen geeft (zelfs onzinkbaar maakt) en het water tegenhoud indien je een gat in je boot vaart. Na de video mogen wij de kano zelf in elkaar zetten en kunnen er een stuk mee varen. Verguld van blijdschap om het feit dat wij de voor ons geschikte kano hebben gevonden, rijden wij terug naar huis. Ondertussen beginnen we met het uitstippelen van een reisroute. Omdat Australië het continent is waar we heen willen, informeren we bij het reisbureau over het goedkoopste ticket. Dit blijkt met Philippine Airlines, met een tussenstop in de hoofdstad Manilla. "Waarom dan niet voor een aantal maanden stoppen in de Filippijnen", denken we. De Filippijnen bestaat uit meer dan 7000 eilanden, dat zal dus zeer geschikt zijn om een aantal mooie tochten te varen. Als ik hier verder over informeer en boeken over lees blijkt er weinig over bekend te zijn om hier met een kano rond te peddelen. Via zeekaarten komen we er achter dat hier echter best goede mogelijkheden voor bestaan, een leuke uitdaging naar het onbekende dus.

Eind januari blijkt de beste vertrektijd te zijn. Dan maken wij alle feestdagen en onze verjaardagen nog met de familie mee, maar vooral is dit het beste reis/kano jaargetijde voor de Filippijnen. De cyclonen zijn dan een beetje uitgeraasd, het regenseizoen is voorbij en het is dan nog niet zo heel warm. Dit betekent echter wel dat we over twee maanden al moeten vertrekken.

Race tegen de klok
Hoe komen we tot die tijd aan voldoende geld, zowel om te reizen als voor de uitrusting ? We komen op het idee om te proberen of bedrijven ons met de uitrusting willen sponsoren. Als dit, samen met mijn extra avondbaantje en het verkopen van Steven zijn auto's zal lukken, dan hebben wij voor een jaar reisgeld bij elkaar. De rest van het geld kunnen we in Australië met behulp van ons werkvisum dan wel bij elkaar verdienen.
Het voordeel is dat we een geweldig plan hebben want wie gaat er tegenwoordig nou voor ruim een jaar met een kano op pad. Ik ken niemand en heb er ook nog nooit over gelezen. Mensen zijn dan ook heel enthousiast als we vertellen wat we van plan zijn. We besluiten om een brief naar Arij van de Kooij, eigenaar van Tiekano, te sturen waar we ons plan over de expeditie in voorleggen. Een expeditie die we vanaf nu de 'World Canoe Expedition' zullen noemen. Kort daarop worden we voor een afspraak uitgenodigd. Arij is vanaf het begin al heel enthousiast en wil ons graag een Ally 16,5 DR vouwkano en de bijbenodigde uitrusting ter beschikking stellen; dezelfde kano waarvoor we hier al eerder zijn geweest. Omdat de Ally net twee jaar op de Nederlandse markt verkrijgbaar is, zal dit meteen een goed testverslag voor hem zijn. De kano krijgen we al vrij snel in ons bezit, zodat wij kunnen oefenen met het in elkaar zetten, de gewicht/balansindeling in de rugzak en zijn vaargedrag. Het spatdek is echter niet voorradig en moet bij de fabrikant in Noorwegen worden besteld. Aangezien de feestdagen er tussen zitten zal het allemaal krap aan worden, daar onze vertrekdatum op 24 januari al is vastgesteld. Een race tegen de klok voor ons en de sponsors dus. Ondertussen zijn wij buiten ons werk om nog steeds druk bezig met het maken van een routeplanning, het aanwerven van meer sponsors, het bekendmaken aan de media dat de expeditie snel van start gaat en tal van andere voorbereidingen zoals betaalmogelijkheden in de diverse landen, verzekeringen, vaccinaties, paspoorten, visa's, communicatie afspraken en natuurlijk de voorbereidingen voor het geven van een groot afscheidsfeest.

In de laatste weken komen we in contact met Nomad die ons een tent, slaapzakken, slaap matjes en een complete kledingoutfit geeft. Tegelijkertijd komt ook het spatdek en twee framerugzakken van het merk Bergans -dezelfde fabrikant als van de kano- binnen. Vier dagen voor vertrek worden we gebeld door 'Kayakcentrum Arend Bloem' in Wormer. Via een interview met ons dat in de Telegraaf is verschenen, zijn ook zij over de expeditie aan de weet gekomen en willen ons spontaan een Magellan GPS 3000 satelliet navigatie systeem en twee horloges ter beschikking stellen. Zelfs de dag voor vertrek kunnen wij nog even snel naar Den Haag op en neer rijden om twee paar, door Teva gesponsorde, sandalen op te halen. Het meeste is dus allemaal nog net op het laatste moment in orde gekomen. Een race tegen de klok die we met z'n allen gewonnen hebben.

Eindelijk is het dan zover, op 24 januari vertrekken wij voor onze expeditie. De hele uitrusting is compleet, alle papieren zijn in orde, de route is uitgestippeld, er zijn goede afspraken met diverse bedrijven en het thuisfront gemaakt en er is een geweldig afscheidsfeest geweest.

Tekst en foto's: Tristan R. Raggers en Steven Spaink

 

© copyright by www.onwalkabout.nl



Vergroot de omslag / bekijk het artikel

Gepubliceerd in KanoSport in
april 1996
 
print dit artikel    

Gesponsord door:
Tiekano, Nomad, Kajak centrum Arend Bloem, Teva en Cheasapeake Trading (Tilly Hats).

----------------------------------------
Lees ook de andere reisverhalen van onze expeditie in KanoSport:

- introductie artikel
- de voorbereidingen
- deel 1: Filippijnen 1
- deel 2: Filippijnen 2
- deel 3: Overstromingen in
   Downunder
- deel 4: Mangrove en Sahara
- deel 5: Lake Tinaroo
- deel 6: de laatste tocht
----------------------------------------
Wil je meer reisverhalen van het Onwalkabout team lezen, klik dan hier voor het overzicht.
----------------------------------------
Lees het testverslag van de Ally 16,5 Down River
Meer weten over de kano waarmee Tristan R. Raggers en Steven Spaink op reis zijn geweest, lees het testverslag van de Ally 16,5 DR.