|
'World
Canoe Expedition' deel 5
Lake
Tinaroo (Atherton Tablelands) Australië
Na
bijna een jaar van samen zijn, lief en leed te hebben gedeeld,
slaat het noodlot toe en scheiden onze wegen. Steven is
niet meer in staat de World Canoe Expedition voort te zetten.
Een absolute teleurstelling voor ons allebei maar er valt
weinig aan te doen. Zou dit betekenen dat de expeditie ten
einde is?
Lifters
gezocht!
In de hoop iemand anders te vinden om tochten mee te varen,
besluit ik de expeditie voort te zetten. In Bundaberg, aan
de oostkust van Australië, verblijf ik twee maanden
in een werkhostel om wat fruitpluk-werk op een boerderij
te doen en de kas weer wat te spekken. Hier raak ik bevriend
met de Nederlandse Marcel. Hij wil graag met mij meereizen
en kanotochten maken. Hij is zo enthousiasme dat het niet
uitmaakt dat hij weinig kano-ervaring heeft; de techniek
van het kanoën komt vanzelf wel.
Vlak
voor ons vertrek uit Bundaberg laat ik in diverse hostels
een boodschap achter met: Lifters naar Cairns gezocht met
veel mooie tussenstops. Dit doe ik wel vaker, gewoon vanwege
het feit om wat gezelligheid in mijn auto onderweg te hebben
en de benzinekosten te delen. Dit lokt nog twee Nederlanders:
Mathijs en Maaike.
Onderweg
naar Cairns rijden we door de Atherton Tablelands. Van een
vogelaar heb ik een tip over Lake Tinaroo gekregen. Een
schitterend rustiek stuwmeer middenin de Atherton Tablelands,
niet ver van Cairns. Hij noemde een waslijst van vogels
op die hij daar had gezien. Nou mag ik misschien wel niet
weten welk getwiet of gekoe-roep bij welk vogeltje hoort,
maar ik weet wel, dat waar vogels huishouden, een plaats
is waar vrede en rust heerst. Een plek die niet door gemotoriseerd
verkeer verstoord en vervuild zal worden en daardoor ideaal
is voor mijn peddelboot.
Bij de Australische VVV informeer ik naar de kano-mogelijkheden.
Het blijkt dat er een camping aan het meer ligt die kano's
verhuurt. Aangezien er maar twee (max. 3) personen in de
kano kunnen, is dit een mooie gelegenheid om met z'n vieren
een tochtje te maken. We krijgen kaarten van de omgeving
mee en als we bij het meer aankomen praten we met de campingeigenaar
en enkele gasten over de mooie plekjes.
Verdronken
bomen
We beginnen met het in elkaar zetten van de Ally: mijn vouwkano.
Een karwei dat door de inmiddels opgebouwde ervaring niet
meer dan twintig minuten in beslag neemt. We bekijken de
kaart nog eens en zetten onze koers uit. Er staat een stevig
windje vanuit het noordoosten. Deze waait, samen met een
lichte golfslag, tegen de zijkant van de boot en het kost
ons veel kracht om de kano op koers te houden. Na anderhalf
uur van peddelen, komen we in een beschut gedeelte terecht.
Aan de kant zit een groep pelikanen een beetje sociaal te
zijn en kijken ons met een verbaasde blik aan. Eenmaal verder
op het meer is duidelijk te zien dat het waterpeil door
de dam in de laatste jaren enorm is gestegen. Grote delen
bos zijn ondergelopen. Honderden boomstammen rijzen op uit
het water. De meeste bomen hebben hun bladeren in de loop
der verdrinking verloren. We varen door een kaal bos en
er heerst hierdoor een mysterieuze sfeer. Tussen de boomstammen
door houdt een pelikaan ons vanuit een boomtop nauwlettend
in de gaten: "Wat moet dat vreemde groene wezen op
mijn plas ?!". Te midden van het waterwoud is een klein
eilandje waar we ons kamp in de namiddag opslaan. Terwijl
Mathijs en Maaike de piepers jassen gaan Marcel en ik met
de kano vissen. Lake Tinaroo zit vol heerlijke zoetwater
vis en het duurt dan ook niet lang voor we wat aan de haak
hebben hangen.
Terwijl de vis boven het kampvuur gaar hangt te worden,
kleurt de neergaande zon de hemel mooi op en speelt Mathijs
een bijpassend deuntje op zijn gitaar. Het koelt echter
snel af en we besluiten dat het tijd is om tussen het dons
van onze slaapzakken te kruipen. In de toppen van de bomen
houden de slapende pelikanen en zwarte ganzen ons gezelschap.
Platypus
De volgende morgen staan we voor zonsopgang op om een tochtje
rond het eiland te maken. Het hele meer ligt ingesloten
in een dichte nevel die pas vlak voor zonsopkomst langzaam
weg begint te trekken. Als de zon achter de bergen opkomt,
blinkt hij vel door de nevel heen en veranderd de donkere
nacht in een mysterieus kleurenschouwspel. Er staat geen
wind en het meer is zo glad als een spiegel. We zijn ingesloten
in een symfonie van vogelzang.
Een kraanvogel droogt zijn vleugels op een tak na het nemen
van zijn ochtendbad. Een groep zilverreigers doen hun warming-up
en vliegen rondjes over het meer. Na het ontbijt breken
we het kamp op en peddelen naar Platypus Bay. De Platypus
is, samen met de Echidna, het enige ei-leggende buideldiertje
ter wereld dat momenteel nog niet uitgestorven is en komt
alleen in Australië voor. De Platypus leeft in stille
wateren, wordt meestal niet groter dan zestig centimeter,
heeft een donkerbruine tot zwarte kleur vacht en een snavel
die op die van Donald Duck lijkt. Het is een heel schuchter
diertje dat zich alleen 's morgens vroeg of 's avonds laat
zien. We blijven heel stil in de kano zitten in de hoop
dat er een naar de oppervlakte komt. Na bijna anderhalf
uur rimpelt het wateroppervlak. Langzaam verschijnt er een
zwart snaveltje boven het wateroppervlak. De platypus zwemt
langs de boot, zo'n drie meter van ons vandaan, voordat
hij weer wegduikt.
Spookcamping
We varen naar de uithoek van Lake Tinaroo. Daar, waar het
water via een klein riviertje naar lager gelegen land stroomt.
Vlakbij is een camping die door de waterverhoging van de
weg af is gesloten. Het terrein ligt er verlaten en verwaarloosd
bij. Het gras staat hoog waardoor de elektrapaaltjes nog
amper zichtbaar zijn. In de hoop op een sanitaire stop blijken
de toiletgebouwen echter afgesloten te zijn en zijn we gebonden
aan de Aziatische hurkpositie in moedertje natuur. De spookcamping
nodigt niet uit lang te blijven en we peddelen verder. Op
het heetst van de dag voelen we ons niet echt comfortabel
en besluiten afkoeling in het water te zoeken. De dichtbegroeide
kant biedt ons geen goede zwementree en springen daarom
vanuit de kano in het meer. Ik schrik als ik opeens iets
aan mijn voeten voel, het blijken de takken van de verzopen
bomen te zijn.
Op
de terugtocht hebben we de wind in de rug waardoor het kanoën
ons makkelijk wordt gemaakt. Tijdens schemering komen we
weer aan bij de camping waar we de kano uit elkaar halen.
De Victoria Bitter (bier) staat ons al op te wachten, tezamen
met een Aussie BBQ.
Tekst
en foto's: Tristan R. Raggers
|