|
Vouwfietsers
van start
Saskia Henze en Tristan R. Raggers hebben hun koffers gepakt
en zijn uit Amsterdam per vouwfiets onderweg naar Zimbabwe. Voor
Sp!ts schrijven zij eens per 14 dagen hun ervaringen op.
De reis begint al met een uitdaging, namelijk het meenemen van
de fiets in de Thalys en de TGV, wat niet mag. Alhoewel, fietsen
mag je niet meenemen, maar geldt dit ook voor vouwfietsen? Het
risico om dit aan de conducteur te vragen en een afwijzend antwoord
te krijgen nemen we liever niet. We verpakken de Birdy's daarom
onherkenbaar in de speciaal daarvoor ontworpen hoezen en plaatsen
deze in een van de bagagacompartementen. Niemand die zien dat
we fietsen bij ons hebben.
Na 4 uur zijn we in Parijs en is het tijd voor de eerste overstap.
Alles loopt op rolletjes. De trein is perfect op tijd, de bagage
past weer zonder enig probleem in de daarvoor bestemde ruimte
en onze mondvoorraad blijkt ruim voldoende.
Als we zo'n 12 uur onderweg zijn en het vierde land (Spanje) binnenrailen,
voelen we ons net een stel super Jappanners die heel Europa in
10 dagen doen en het pas thuis op hun gemak (???) gaan bekijken
op de camcorder. Paspoortcontroles hebben we door de openstelling
van de grenzen tot zover nog niet gehad. De douaneposten liggen
er dan ook verlaten bij en het doet bijna oostblokachtig aan.
Als we ons in de derde en tevens laatste trein bevinden, maken
we ons op om te gaan slapen. Na een paar uur worden we echter
gewekt door de conducteur. Deze maakt ons met handen en voeten
duidelijk dat we de trein uit zullen moeten, omdat deze, door
hevige regenval onze eindbestemming (Valladolid) niet kan bereiken.
We zullen per bus verder moeten. Middenin de nacht stappen we
met al onze bagage uit de trein, steken net als onze medereigers
'gewoon' het spoor over en gaan op zoek naar de juiste bus. Gelukkig
levert het meenemen van de fietsen ook nu geen problemen op.
Rond 05:30 uur arriveren we in Valladolid. Omdat het nog zo vroeg
in de ochtend is en er nog geen bussen rijden staat iedereen een
beetje verveeld voor het station te wachten totdat de eerste bus
en de zon opkomt. Althans, verveeld?! Wij blijken een vorm van
vermaak als we de Birdy's uitklappen, de trappers monteren, onze
rugtassen met sjorbanden op de bagagedragers vastbinden en vervolgens
wegfietsen.
Ha! Laat hun maar lekker op de bus wachten, wij fietsen in een
paar uur naar de camping. Helaas blijkt Salamanca iets verder
te zijn dan de vermeende 50 km., een grove inschattingsfout die
bij de eerste kilometerpaal ons de ogen fllink doet wakker wrijven.
Na 16 uur van treinen en bussen en amper een oog dicht te hebben
gedaan wacht ons een tocht van 130 km. De weg is saai, heet, lang
en druk. De temperatuur stijgt tot zo'n 34 graden. Dorre graanvelden
en verzopen zonnebloemen maken de tocht er niet vrolijker op,
net als het vele verkeer dat met 120 kmph. langsraast. We doorkruizen
drie provincies, maar geen van hun toont enige vorm van afwisseling.
Pas als de zon bijna onder is komen we aan op de camping 'Don
Quijote' te Salamanca. Dat we het belachelijk vinden dat we 5
gulden voor onze fietsen moeten betalen zal er wel mee te maken
hebben dat we Nederlanders zijn, maar we zijn onderweg en daar
gaat het om.
Tekst
door: Tristan R. Raggers en Saskia Henze
|