|
Meer
tegenvallers dan meevallers
Saskia Henze en Tristan R. Raggers hebben hun koffers gepakt en
zijn uit Amsterdam per vouwfiets onderweg naar Zimbabwe. Voor
Sp!ts schrijven zij eens per 14 dagen hun ervaringen op.
Het
begon al met de 130 km. fietsen op de dag van aankomst i.p.v.
de geplande 50 km. na 16 uur van treinen en een nacht over te
hebben geslagen. Op zich was dit niet zo'n probleem. We waren
na lange tijd van voorbereidingen eindelijk op reis. In de daaropvolgende
dagen ... nee, weken, komen tegenslagen vaker voor dan meevallers.
Thuis hadden we gehoopt het fietsen een beetje rustig te kunnen
opbouwen. Fietsdagen van 60 a 70 km. worden dagen van 110 a 120
km. doordat campings in Portugal ver van elkaar vandaan liggen.
Bij de mazzel van een korte dag hebben we de pech van een vette
tegenwind of een enorme berg waar we overheen moeten. Campings
liggen bijna nooit in de stad, vaak 6 km. er vandaan, soms 15
km. de verkeerde kant de berg op wat een extra 30 km. omrijden
betekent. Na 5 dagen en zo'n 600 km. verder hebben we nog geen
tijd gehad om onszelf een beetje te ontspannen. In de Douro vallei
houden maagkrampen en diaree, van een nog steeds onbekende voedselbron,
ons voor een aantal dagen uit het zadel. Ook dit was niet echt
ontspannend te noemen. Terug in Spanje krijgen we regelmatig te
maken met campings die wel op de kaart staan maar opgeheven blijken
te zijn. Wildkamperen en dagafstanden van ruim 100 km. zijn het
gevolg. En zo was er elke dag wel wat. Het lijkt alsof wij moeten
worden getest i.p.v. onze opvouwbare Birdy's. In de niet westerse
landen zijn dit soort dingen meer acceptabel en stel je je er
op in. We hebben juist een maand aanloopperiode in Europa gekozen
om even echt vakantie te houden, het blijkt niet te mogen.
Op 1 oktober besluiten we de boot te nemen naar Ceuta; Spaans
grondgebied in Marokko. Doordat het hoogseizoen net op die dag
beeindigd is, het vaarschema gehalveerd en onze keuze voor de
oversteektijden daarmee ook. Om een beetje bijtijds in Ceuta aan
te komen moeten we de duurdere maar snellere boot nemen. Gelukkig
maken onze vouwfietsen nog wat goed. De prijs van het meenemen
van je fiets is hetzelfde als een moter, opgevouwen in onze fietszakken
scheelt ons dat mooi drie tientjes.
De oversteek duurt slecht een uurtje. Na aankomst klappen we onze
fietsen weer uit en fietsen gewapend met Michelinkaart en Lonely
Planet reisgids vol vertrouwen de stad uit richting de camping.
Na een half uurtje trappen wordt ons vertrouwen al wat minder.
Waar blijven die beloofde campingbordjes nou? Als er een politieauto
voorbij komt besluiten we het aan hun te vragen. "De camping
in Ceuta? Nee, die is vorig jaar opgeheven." Wildkamperen
wordt door de politie afgeraden i.v.m. de vele overvallen in dit
gebied. Er zit niets anders op dan onze fietsen weer om te draaien
en terug te fietsen naar waar we vandaan kwamen. Inmiddels is
het al laat geworden en zijn veel pensionnetjes vol. Uiteindelijk
vinden we in een achterafstraatje een klein familiepension waar
nog één kamert vrij is. De prijs van de kamer is
ver over ons dagbudget heen, maar we hebben verder weinig keus.
Even later genieten we van de spaanse familie en onze kamer. Het
is heerlijk om even niet in een tent te hoeven kruipen en in een
'echt' bed te slapen.
We blikken terug op onze eerste maand in Spanje en Portugal. Morgen
naar Marokko ...
Tekst
door: Tristan R. Raggers en Saskia Henze
|